Hernieuwbare energie in Europa: te veel hout

Net niet de helft van de hernieuwbare energie in Europa wordt geproduceerd op basis van hout en houtafval. Problematisch, want zo gaat de CO2-uitstoot onvoldoende naar beneden.

De laatste cijfers van Eurostat tonen aan dat in 2010 gemiddeld 49% van de in Europa opgewekte hernieuwbare energie afkomstig was van biomassa, meer bepaald hout en houtafval. Het Europees gemiddelde vlakt zeer grote verschillen uit tussen de lidstaten. Estland en Litouwen zijn met respectievelijk 96 en 86% de grootste gebruikers van hout en aanverwanten. De Noren en de Cyprioten zijn eerder kleinverbruikers, met respectievelijk 11 en 13% aandeel van hout in de hernieuwbare energiemix.

Het feit dat hout(afval) goed is voor de helft van de de Europese hernieuwbare energieproductie roept vragen op. Over de hele levenscyclus van de boom bekeken, is hout verbranden weliswaar CO2-neutraal, omdat bomen bij de verbranding ongeveer even veel CO2 uitstoten als ze tijdens hun leven hebben opgenomen. Maar meer en meer hout verbanden betekent ook dat er steeds meer CO2 terug in de atmosfeer terecht komt. Het duurt vele jaren voor nieuwe bomen die CO2 weer hebben opgenomen, als ze al worden aangeplant. Vanuit een levenscyclusanalyse is het trouwens ook verstandiger en duurzamer om hout eerst voor andere doeleinden aan te wenden dan het meteen te verbranden.

Een meer klimaatvriendelijke mix van hernieuwbare energiebronnen dringt zich op, want massaal hout en houtachtige biomassa verbranden, zal het CO2-probleem niet oplossen, maar het zelfs erger maken. Wat CO2-redcutie betreft, valt meer heil te verwachten van CO2-neutrale hernieuwbare bronnen als wind-, zon-, geothermische en waterkracht, die nu door hout en aanverwanten uit de markt worden geprijsd.

Het concurrentievoordeel van hout voor groene (of moeten we zeggen: grijsgroene) energie, speelt ook in het nadeel van de houtverwerkende sector, schrijft Euractiv. ‘De houtindustrie is een groot voorstander van het cascadeprincipe,’ zegt Filip de Jaeger van de Europese Confederatie van Houtverwerkende Industrie. Dat houdt in dat de houtindustrie eerst afgewerkte producten kan maken van hout en dat die pas op het einde van hun levenscyclus verbrand zouden worden. Met het huidige energiebeleid vist de houtindustrie achter het net. ‘Door de subsidies en de groenestroomcertificaten waar de energiesector aanspraak op kan maken, hebben zij meer koopkracht en brengen ze de houtindustrie in de problemen,’ zegt Filip De Jaeger aan Euractiv.

Meer informatie:Eurostat cijfers.