‘Offshore zeewierteelt heeft de toekomst’

Over 15 jaar liggen er op het Nederlandse deel van de Noordzee zo’n 5000 km2 aan zeewiervelden in multifunctionele offshore locaties. Zeewier, windmolenparken, golfgeneratoren en zonnepanelen dragen samen substantieel bij aan transities naar duurzame eiwitvoorziening én naar een overgang van fossiele naar duurzame energie.

Dat stellen MARIN, TNO, Deltares, ECN en Wageningen UR (DLO) in het gezamenlijke rapport North-Sea-Weed-Chain. Zij onderzochten een jaar lang de schakels in een duurzame de zeewier-waardeketen, van productie tot vermarkting. De resultaten van dit project, TO2, worden gepresenteerd tijdens het internationale symposium Seagriculturein Portugal op 27 en 28 september.

Zeewier is een potentieel belangrijke voedselbron en grote duurzame koolstofbron voor de biobased economy. De onderzoekers bekeken drie toepassingen: veganistische kaas, veevoer en de productie van mannitol, een niet-dikmakende zoetstof die kan worden gebruikt in de food-industrie, maar ook als halffabricaat voor diverse biobased producten, zoals bioplastics.

Boeren op zee
Met de groeiende wereldbevolking komt de zee meer in beeld als ‘landbouwgebied’. Boeren op zee is een grote uitdaging. Het vereist grote investeringen in infrastructuur. Voordat ondernemers hierin kunnen investeren moeten realistische vooruitzichten zijn op kweekmogelijkheden en winstgevende eindproducten.

Teeltproeven in Yerseke met de zeewiersoort Ulva lactuca toonden aan dat een oogst per seizoen van 20 ton droge stof per hectare in één groeiseizoen (april –aug) haalbaar is. Uit proeven van de Wierderij is bekend dat Saccharina in één groeiseizoen tot 15 ton droge stof op kan brengen. Omdat de ene soort in de winter groeit en de andere in de zomer, kunnen de teelten worden gecombineerd; dit levert dan een totale jaarproductie op van 35 ton droge stof per ha per jaar. Dat is meer dan er op land met welk gewas dan ook kan worden bereikt. De samenstelling van zeewier verandert echter door de groeiperiode heen en is ook afhankelijk van het kweekmedium.

De extractie van eiwit uit de celwanden van de Ulva bleek bovendien lastig. Er zijn meerdere methoden geprobeerd, met weinig succes. De kaas is er dan ook nog niet. Uit de Saccharina wist ECN wel mannitol te destilleren. Nader onderzoek is nodig om vast te stellen of het zeewier ook een geschikt alternatief is voor veevoer uit soja.

Procestechnologie
De zeewierteelt biedt goede kansen om economisch haalbaar te worden, zo concluderen de onderzoekers, maar de kosten op open zee zijn nog te hoog in verhouding tot de opbrengst, zelfs bij verdere schaalvergroting. De ontwikkeling van betere procestechnologie kan de economische waarde van zeewier echter nog fors verhogen. De discrepantie tussen kosten en opbrengst zijn niet onoverbrugbaar.

De groeiende aandacht voor zeewier leidt bovendien al tot meerdere start-ups, zoals ‘I sea pasta’ (een zeewier die lijkt op, en gebruikt kan worden als, tagliatelle), ’the Dutch Weedburger’,…. enz. Daarbij is wel de kanttekening te plaatsen dat er nog weinig zicht is op de kwaliteit en de veiligheid van het voedsel. Er ontstaat dan ook een behoefte aan duurzaam, gecertificeerd zeewier dat traceerbaar is.

De onderzoekers zien op termijn een multifunctioneel offshore park voor zowel duurzame energie als duurzame zeewierteelt voor food en feed als een kansrijk toekomstig ‘Dutch Design’ project, waarin te combineren is waar Nederland groot in is; maritieme techniek en agrosysteemkennis.

Zie ook: